De Bevalling

Dinsdag 5 december 2006

Het is half acht en mijn wekker loopt af.  Nog even, denk ik, ik wil nog even soezen en dan sta ik op.  Het is tenslotte mijn laatste week, ik wil nu niet te laat komen op mijn werk.

 

 

 

 

Ik draai me om, om de wekker op snooze te zetten als ik ineens vocht voel lopen tussen mijn benen.  Wat is dit? Ben ik nu in mijn bed aan 't plassen.  Ik schaam me dood, ik had niet eens gemerkt dat ik zo dringend naar de WC moest.

OK,er zit dan niets anders op dan op te staan, naar de WC te gaan en een douche te nemen.

Weer voel ik vocht tussen mijn benen lopen...er begint stilletjes aan een alarmbelletje te rinkelen. Dit kan toch niet waar zijn, mijn vruchtwater is gebroken. Dat kan niet anders.

Denk, denk, denk... wat had ik nou ook al weer gelezen? Als je het niet kan tegenhouden en het is helder water, en geurloos...  snel, kijken, is het helder? geurloos?  Ik kan het in ieder geval niet tegenhouden.

Oh nee, dit kan nog niet, ik ben nog maar net 33 weken zwanger. Hij moest nog zeker tot het einde van het jaar blijven zitten, en mijn koffer staat nog niet klaar, dat wilde ik vanavond allemaal doen...

In paniek bel ik mijn moeder, de tranen stromen over mijn wangen, wat als er iets mis is met de baby...dit kan gewoon niet waar zijn.

 

Gelukkig is ons AÔsha bij mijn ouders blijven slapen, dan ziet ze me niet in deze hysterische toestand.

Snel mijn man nog even opgebeld op zijn werk...en toen? Een koffer, ik moet toch een koffer hebben voor op de bevallingskamer. 

Ik loop rond als een kip zonder kop.  Ondertussen belt mijn moeder om te  zeggen dat ze bijna bij mij thuis is, en ik krijg strikte orders om te blijven liggen in de zetel, anders verlies ik alleen maar meer vruchtwater.

Pfff, hoe kan je nu kalm blijven als er niets loopt zoals het hoort?

Oh nee, mijn werk, ik moet ze nog op de hoogte brengen...snel nog even bellen. 

Een half uur na mijn paniektelefoontje staan zowel mijn man als mijn moeder bij mij.  Snel grijpen ze een aantal dingen bij elkaar en brengen me in spoed naar het ziekenhuis.

Aangezien het ondertussen al half negen is, zie ik niet echt een reden om via de spoed binnen te gaan.  We gaan dus op mijn aandringen via de hoofdingang, en vinden zelfs nog de tijd om aan te schuiven om me in te laten schrijven.  Ondertussen verloor ik nog altijd vruchtwater, en met een handdoek tussen je benen gepropt wachten op een inschrijving is niet ideaal.

 

Mijn moeder stuurt mijn man en mezelf al naar de kraamafdeling, en zij zou de papierhandel verder wel in orde brengen.

Boven aangekomen wil de verpleging zeker zijn dat ik inderdaad echt vruchtwater verlies...maar daar blijft niet lang twijfel over bestaan.  Ondertussen is ook mijn gyneacoloog al opgeroepen en de kinderarts verwittigd.

We hadden er nooit bij stilgestaan, maar blijkbaar nemen ze niet snel prematuurtjes onder de 34 weken aan, het was dus wel even schrikken.  We wilden liever niet doorgestuurd worden naar Leuven, ik blijf liever hier, waar ik het ken.

 

Gelukkig, de kinderarts vond de prematuur geen probleem en mijn weeŽn komen ook nog niet echt op gang.

Maar omdat mijn "water gebroken is", moet ik wel antibiotica krijgen, zodat we infectie kunnen vermijden.  Ondertussen hebben ze mij op een bevallingskamer gelegd, en aan de monitor gehangen om de hartslag van de baby goed op te kunnen volgen.

Het antibioticum wordt via een infuus gegeven dat binnen een half uur moet doorlopen. Maar... ik vertoon zware allergische reacties op het antibioticum.  God, wat voelde ik me beroerd.  De gyneacoloog had zo'n medelijden met me, dat hij meteen een ander antibioticum voorschreef.

Jammer genoeg kreeg ik ook hier allergische reacties op...iets wat ik normaal gesproken nooit heb. Het zal vast ook wel door de zwangerschap komen.

Het derde antibioticum is het goede, gelukkig maar.

Ondertussen hebben ze me ook longrijping gegeven, hopend dat onze kleine schat nog even wil blijven zitten, zodat die er zoveel mogelijk baat bij heeft. En ja hoor, toch iets wat meevalt.  De weeŽn blijven maar uit, hťťl af en toe eens een contractie, maar niets blijvends.  Het zal dus niet voor meteen zijn.  Misschien wacht onze jongen op de sint?

De sint...alle plannen die we hadden gemaakt om het zo speciaal te maken voor onze kleine meid vallen in duigen.  Met mama in het ziekenhuis kunnen we haar niet meenemen naar de sint bij de bakkerij van papa.  Maar gelukkig is haar dooppeter er nog, die biedt aan om haar mee te nemen en eens lekker te verwennen.

 

 Woensdag 6 december 2006

 We zijn nog altijd niet bevallen.  Ik heb al wat meer weeŽn gehad vannacht, maar ze zetten niet door.  Pfft, zo'n bevallingstafel is echt niet gemaakt om langer dan een dag op te liggen.  Mijn heupen doen VRESELIJK veel pijn, en door mijn bekkeninstabiliteit kan ik niet liggen zoals ik wil.  En ik lig ook constant in de knoop met mijn infuus en de draden van de monitor.

Ik heb ook al een tweede en laatste keer longrijping gekregen voor onze jongen, dus mocht hij komen, zou hij toch niet te veel problemen mogen hebben met de ademhaling.

We zitten een beetje met een dubbel gevoel, we willen dat hij nog even blijft zitten, want het is nog zo vroeg, maar langs de andere kant... het zou wel fijn zijn als het nu eindelijk verder gaat en we ons kereltje kunnen knuffelen.

 

Mijn ouders komen vandaag ook even langs met ons dochtertje.  De arme schat weet niet wat er allemaal gebeurt, ze zou eigenlijk maar ťťn nachtje bij moeke en vake blijven slapen, en dat is al twee dagen geleden.  De sint heeft haar cadeautjes dan maar in het ziekenhuis afgeleverd voor haar.  Het is een leuk weerzien, maar wel erg slopend.   Mama had ook nog een paar extra dingen meegenomen die we vergeten waren in alle tumult.  Het enige wat we nu nog kunnen doen is afwachten... niets op dat moment dat ons laat vermoeden hoe vaak we nog met dat woord geconfronteerd zullen worden... afwachten.

Marco is snel even naar huis gegaan om te kunnen douchen en nog een paar dingen in orde te brengen, tja het ziet er toch niet naar uit dat het voor meteen is. 

Zoiets mag je natuurlijk nooit zeggen he...want ineens komen de weeŽn opzetten.  O jee, voor ik hem contacteer kan ik beter even kijken hoe lang het duurt voor ze terugkomen, maar dat duurt niet al te lang.

In een lichte paniek bel ik hem op om te zeggen dat hij stante pede moet terugkeren naar het ziekenhuis.  Mijn ventje weet niet wat er gebeurt, en breekt waarschijnlijk wel een x-aantal verkeersregels in zijn haast om terug te keren.  Hij ziet lichtjes bleek als hij het bevallingskwartier binnenstapt, maar er is nog geen verandering.  We zijn nog altijd zwanger en de weeŽn houden nog altijd aan.

Anderhalf uur later zijn de weeŽn gestopt en zijn we nog steeds zwanger...het was een vals alarm, jammer genoeg.  Het mag wat ons betreft nu wel beginnen, maar het onze zoon is het daar duidelijk nog niet mee eens.

  

Donderdag 7 december 2006

 

Weer een nacht voorbij zonder dat er iets gebeurde, behalve dat ik helemaal niet meer uit de voeten kan met mijn bekkeninstabiliteit.  Bevallingsbedden zijn echt niet gemaakt om zo lang op te liggen. 

De hele dag verloopt vrij rustig, we hebben niet ťťn keer weeŽn gehad vandaag.  's avonds belt mijn zusje op om te kijken hoe de stand van zaken is, haar schoonzus, die eigenlijk voor 5 december was uitgerekend, is ook nog steeds niet bevallen, wie weet steek ik haar nog voorbij.

We hangen een uur en half aan de telefoon, kletsen over vanalles en nog wat, erg vind ik de afleiding niet.  ik heb mijn man immers naar huis gestuurd, zodat hij de volgende dag kan gaan werken, want het ziet er niet naar uit dat de bevalling snel op gang zal komen, en op die manier kan hij toch ook nog eens in een normaal bed slapen. 

 

Ook mijn moeder belt nog even om een stand van zaken te krijgen, en om nog even verslag uit te brengen wat onze lieve dochter allemaal al heeft gedaan die dag.

Ik voel me wel erg onrustig, en echt slapen zit er blijkbaar niet in.  Het is al half twaalf 's avonds voor ik eindelijk in slaap val, maar mijn nachtrust zal van korte duur zijn.

 

Vrijdag 8 december 2006

Half ťťn 's nachts, ik word ineens wakker van vreselijke buikkrampen, maar erg lang houden ze niet aan.  Ik ben nog een beetje slaapdronken, ik stap uit bed en waggel naar de wc.  Dat luchtte gelukkig op, nog altijd half aan 't slapen kruip ik terug mijn bed in.  Ik val meteen terug in 't slaap, maar amper een kwartier later word ik weer wakker van krampen, maar het duurt nog geen minuut en dan verdwijnen ze weer.  Na tien minuten komen ze terug.

 

Eindelijk begint er een lampje te branden...ik denk dat de weeŽn teruggekomen zijn. Ik ben ineens klaarwakker en houd nu flink de klok in de gaten, ik moet even goed controleren hoe lang het duurt voor de volgende wee.

Na een uur zijn de weeŽn nog steeds niet gestopt en ze worden ook pijnlijker, dus roep ik de nachtverpleging.  Ik twijfel nog altijd of ik mijn man wel zou moeten contacteren, maar ik besluit de gok toch maar te wagen, ik zou tenslotte niet willen dat hij de geboorte van zijn tweede kindje moet missen. 

Ik bel hem uit zijn bed, maar besluit dit keer om hem rustig te vertellen dat hij het beste maar naar het ziekenhuis kan komen want dat ik al een uur weeŽn heb.  Ik maan hem wel aan voorzichtig te zijn, ik ben tenslotte al in het ziekenhuis, dus erg veel kan er niet meer misgaan.  Het zou alleen wel erg fijn zijn als de nachtverpleging ook eens reageerde op mijn bel, er is ondertussen al een dik half uur voorbij en nog steeds heb ik niemand gezien.

 

Omdat ik toch te rusteloos ben en niet kan blijven liggen, loop ik eventjes op de gang, als ik de verpleging tegenkom.  Blijkbaar was mijn bel stuk??? Ik had daar rustig kunnen bevallen zonder dat iemand het had gemerkt, maar gelukkig zo ver is het niet gekomen.

Twintig minuten nadat ik mijn man had opgebeld, komt hij de bevallingskamer binnen, en nog steeds heb ik weeŽn, en ze worden pijnlijker met de keer.  De vroedvrouw is er nu ook van overtuigd dat de bevalling begonnen is, ik heb ondertussen al een twee uur weeŽn, en ze worden steeds pijnlijker en komen ook altijd dichter op elkaar.

Ik heb om een epidurale verdoving gevraagd, dus verwittigd ze alvast de anesthesist. 

 

Om half vijf 's morgens is die er eindelijk.  Ik heb heel veel bewondering voor vrouwen die zonder epidurale verdoving bevallen, maar ik ben toch wel hťťl blij dat ik deze mogelijkheid heb.

Ik voel me een stuk beter na mijn epidurale, hoewel ik mijn weeŽn toch nog altijd redelijk goed voel. 

Bij de overdracht van de nacht naar de dagverpleging, rond 7 uur 's morgens wordt ook meteen mijn gyneacoloog verwittigd, die meldt dat ze me nu ook maar meteen iets moeten geven om de weeŽn "op te wekken", zodat het dit keer gewoon kan doorzetten en dus plotseling stil valt zoals de voorbije dagen.

 

Eens ik dat middel gekregen heb, is het alsof ik ťťn lange wee heb.   Rond acht uur komt de vroedvrouw kijken hoeveel opening ik nu heb, en ik zit al op 7 cm.

Als de gyneacoloog tegen half negen binnen komt, heb ik volledige ontsluiting en ben eigenlijk klaar om te bevallen.  De verpleging krijgt de opdracht alles in orde te maken voor de bevalling en de kinderarts wordt verwittigd, gezien ik nog maar 33 weken zwanger ben. 

Terwijl de gyneacoloog nog even bij een andere patiŽnt gaat kijken en de verpleging alles klaar maakt, mag ik van de vroedvrouw als ik de drang voel, alvast beginnen te persen.  Maar die drang is er nog niet echt.

 

Rond kwart voor negen, als de assistent van de gyneacoloog binnenkomt, voel ik de allereerste keer de echte drang om te persen.  Maar ik reageer niet op tijd en de wee is zo voorbij.  Ondertussen maakt de assistent zich klaar, hij heeft net zijn handschoenen aan en zit twee seconden neer, als ik weer een perswee krijg.  Dit keer is het ook meteen de goede keer, want bij ťťn keer persen houdt de assistent mijn zoontje al in handen.  Het is nu tien voor negen.  Iedereen is met verstomming geslagen, ik inclusief, maar ik ben wel opgelucht dat ik eindelijk mijn zoontje kan vasthouden.

Hij wordt goed ingewikkeld en op mijn buik gelegd, ondertussen komt de gyneacoloog binnen, die zijn ogen niet gelooft. De kinderarts wordt meteen weer opgeroepen dat ik reeds bevallen ben en dat ze meteen naar boven moet komen.

Als ze Yoran, want zo zal onze zoon gaan heten, bij op de buik leggen, zie ik precies iets wat op een wratje lijkt op zijn rechterwang, maar ik geniet zo van mijn zoontje dat ik er verder geen aandacht aan schenk.

Erg lang kan ik niet genieten van dit intieme samenzijn, want hij wordt weggehaald om gewogen en gemeten te worden.  Ik verkeer nog in euforie als ineens de telefoon gaat, kwart na negen ondertussen.  Het is mama om te vragen hoe ik me voel.  Als ik haar doodleuk mededeel dat ik net bevallen ben van mijn zoon, wil ze me niet eens geloven.  Mooie moeder is dat...vertel je ze iets en dan geloven ze het niet eens.

 

Marco volgt ondertussen alle verzorgingen aan ons zoontje op de voet op. Het leek net alsof de rechterkant van zijn gezichtje verlamd was, maar hij zwijgt als vermoord tegen mij.

Niet veel later wordt ons zoontje meegenomen naar de neonatologie afdeling waar hij volledig onderzocht wordt door de kinderarts. 

 

Ik voel me ondertussen zo gelukkig en opgelucht.... maar dat gelukzalige gevoel zal snel verdwijnen.

Een kwartiertje nadat hij was meegenomen naar neonatologie komt de kinderarts terug, met een erg bedrukt gezicht.  Ze kijkt mij en mijn man aan en gaat zitten en dan komen die woorden die ik nooit meer vergeet: "Ik heb jullie zoontje onderzocht en ik heb verschrikkelijk slecht nieuws". 

Het was als een donderslag bij heldere hemel.

Hoe kon het nou slecht nieuws zijn, mijn hele zwangerschap had ik vernomen van de gyneacoloog dat alles goed was met het kindje, dat hij gezond was... alle testen en prenatale screenings hadden dat uitgewezen. 

Het wratje dat ik gezien op zijn kaakje was niet het enige dat niet in de haak was. Zijn mondje leek wel doorgescheurd langs de rechterkant en het leek volgens haar te komen door het "wratje" wat op zijn wang zat.  Hij had ook huidflapjes aan zijn oren en in zijn neusje.  Maar het ergste van alles... zijn oogjes waren toegegroeid.  Die kreeg ze niet open, en als ze voelde, leek het net of hij geen oogballen had.   Maar hier kon ze ons geen zekerheid over geven zonder verdere testen te doen.

Dit was iets waar ze in Bonheiden jammer genoeg niet genoeg kennis voor in huis hadden en ze stelde ons voor om ons over te brengen naar het UZ Gasthuisberg in Leuven.  Ze zou even informeren of we daar terecht konden en ons op de hoogte brengen, maar als we zelf elders naartoe wilden gaan, moesten we het haar maar zeggen.

Ondertussen hadden Marco de grootouders op de hoogte gebracht van dit verschrikkelijke nieuws.  Terwijl hij bezig was om iedereen op de hoogte te brengen waren mijn ouders gearriveerd.  Mijn zus had ondertussen tegen mijn vader al gezegd dat Jette ook een heel goed kinderziekenhuis had, en dat we dat anders maar in overweging moesten nemen.

 

De kinderarts kwam terug met het nieuws dat het UZ Leuven geen plaats had voor ons tot na het weekend, dus hebben we maar meteen gevraagd of er mogelijkheid was om naar het AZ te Jette te worden overgeplaatst.  Daar konden we gelukkig wel meteen terecht.  Het transport van Yoran was geregeld om 16h, en ook voor mij was er plaats op de materniteit.